Noorwegen - Terugreis en afsluiting
Van fjorden naar groen Noorwegen
Na onze indrukwekkende rit over de RV63 reden we verder over de RV15. Onderweg zagen we in de verte nog het dorpje Hellesylt liggen, dat we eerder tijdens onze ferrytocht hadden bezocht. Nog één laatste blik op het fjord en dan verder richting nieuwe landschappen.
Langzaam merkten we dat Noorwegen opnieuw van karakter veranderde. De ruige bergwereld maakte plaats voor een zachter en groener landschap. Rond Stryn zagen we brede valleien, meer begroeiing en overal natuurlijk de onvermijdelijke fossen. Wat hier vooral opvalt, is dat water in Noorwegen nooit rustig lijkt te stromen. Beekjes, rivieren en watervallen bewegen altijd met kracht en snelheid door het landschap.
Bij Stryn zagen we opnieuw een cruiseschip in de haven liggen. Op het eerste gezicht leek er niet bijzonder veel te doen, behalve de bekende outletstores waar veel passagiers massaal naartoe trokken. Wij namen ook even een kijkje, maakten een foto van een leuke trol, maar vonden niets wat mee naar huis moest. Tegen het einde van de middag vonden we een rustige parkeerplek met uitzicht op het Langlandvatnet, een prachtig meertje waar we de dag ontspannen afsloten.
Regenroute en fossen richting Ullensvang
De volgende dag begon met regen op het dak van de camper. Bergen stond oorspronkelijk op de planning, maar het weer werkte niet mee. Met aanhoudende regen en beperkte parkeermogelijkheden besloten we de stad deze keer over te slaan. Soms moet je tijdens een camperreis keuzes maken en accepteren dat niet alles in één reis past.
Onderweg bleek dat geen straf, want zelfs op een regenachtige dag blijft Noorwegen indrukwekkend. We passeerden meerdere watervallen, waaronder de Brattefossen. Even later bereikten we Steinsdalsfossen, één van de bekendste watervallen van het land.
Deze waterval is bijzonder omdat je via een pad volledig achter het vallende water langs kunt lopen zonder nat te worden. Terwijl buiten de regen viel en voor ons het water van ruim vijftig meter hoogte naar beneden stortte, liepen wij achter de waterval langs. Een bijzondere ervaring en een leuke onderbreking van alweer een prachtige rijdag.
Mist, fjorden en Buarbreen
Aan het einde van de dag vonden we een kleine parkeerplaats aan het water. De mist trok langzaam tussen de bergen door en hing als een lint boven het fjord. Het landschap veranderde voortdurend door de wolken die kwamen en gingen. Soms was alles verborgen en even later verscheen de omgeving weer alsof er een gordijn werd opengetrokken.
Later op de avond trok de bewolking open en zagen we aan de overkant een berg met een opvallende ijskap. Nieuwsgierig als altijd zochten we op welke berg dit was en ontdekten dat het de Buarbreen was, een gletsjertong van de Folgefonna gletsjer.
We ontdekten dat je naar deze gletsjer kunt wandelen, maar het weer werkte helaas niet mee. De regen en lage bewolking maakten een hike geen verstandige keuze. Toch bleef het bijzonder om vanaf onze overnachtingsplek al zo’n glimp van een gletsjer op te vangen.
Het avontuur van Blådalsvegen
Omdat wandelen naar de gletsjer geen optie was, besloten we een alternatieve route te rijden richting Svelgabreen via de Blådalsvegen. Al snel kwamen we een groot waarschuwingsbord tegen. De boodschap was duidelijk: onnodig verkeer werd afgeraden, zeker voor campers, caravans en bussen. De weg was smal, bochtig en er reed zwaar werkverkeer.
Zoals wel vaker tijdens onze reizen keken we elkaar aan en besloten toch door te rijden. De route bleek meteen een avontuur. We reden door tunnels, langs stuwmeren en ruige berglandschappen. Daarna kwam de echte uitdaging: stijgingspercentages tot twintig procent en krappe haarspeldbochten.
Sommige bochten waren zo scherp dat grotere campers of auto’s met caravan hier nauwelijks zouden kunnen draaien. Op meerdere plekken was passeren alleen mogelijk op uitwijkplaatsen. Door laaghangende bewolking kregen we helaas geen volledig zicht op de omgeving, maar de rit zelf was al een belevenis. Zouden we het opnieuw doen? Misschien… maar dan alleen met goed weer.
Terug naar Kristiansand
Langzaam kwam het besef dat onze Noorwegenreis ten einde liep. We hadden nog maar een relatief korte afstand tot Kristiansand en besloten tickets te boeken voor de ferry terug naar Denemarken met Color Line.
Wat ons misschien nog wel het meest verbaasde, was hoe lang deze reis had gevoeld. Het leek alsof we wekenlang onderweg waren geweest, terwijl we uiteindelijk slechts dertien dagen door Noorwegen hadden gereisd. Dat zegt eigenlijk alles over dit land.
Noorwegen heeft ons verrast met zijn ruige bergen, diepe fjorden, eindeloze watervallen, spectaculaire bergwegen en indrukwekkende rust. Eén ding weten we zeker: dit was niet onze laatste keer. We gaan absoluut terug, en de volgende keer willen we langer blijven en nog verder noordwaarts reizen. Dit fantastische land heeft nog zoveel meer te ontdekken.
Vøringsfossen en Hardangervidda
Vøringsfossen was voor ons een absoluut hoogtepunt van de reis en misschien wel één van de meest indrukwekkende watervallen die we ooit hebben gezien. Het water stort hier maar liefst 182 meter omlaag in een diepe, smalle kloof, wat zorgt voor een enorm krachtig en bijna hypnotiserend schouwspel. Je hoort het water al van ver voordat je het ziet, en zodra je bij de rand staat, voel je pas echt hoe immens deze plek is.
Vanaf de moderne uitkijkplatforms heb je adembenemende uitzichten over de waterval en de omliggende bergen. Alles is hier zo aangelegd dat je de natuur optimaal kunt beleven, zonder dat het afbreuk doet aan de omgeving. De beroemde trapbrug die over de kloof loopt maakt het extra bijzonder. Terwijl je over de brug loopt, kijk je recht de diepte in en zie je het water onder je door razen. Het geeft je de kans om de waterval vanuit verschillende hoeken te beleven en maakt het bezoek echt interactief. Het is zo’n plek waar je automatisch langzamer gaat lopen, vaker stopt en gewoon even stil blijft staan om alles in je op te nemen.
Na dit indrukwekkende bezoek reden we verder over de R7, dwars door het Hardangervidda bergplateau. Ook deze rit bleek weer een ervaring op zich. Onderweg veranderde het landschap voortdurend, wat de route extra bijzonder maakte. We gingen van ruige kloven en krachtige watervallen naar uitgestrekte sneeuwvelden, groene rotsformaties en eindeloze vlaktes bedekt met ijslandmos.
Het voelde alsof we door meerdere werelden op één dag reden. De overgang tussen de landschappen ging soms zo geleidelijk dat je het bijna niet doorhad, en dan ineens keek je weer uit over een compleet nieuw decor. Op sommige stukken lag zelfs midden in juni nog sneeuw langs de weg, terwijl even later alles weer groen en zacht glooiend werd. Elke bocht bracht weer een nieuw uitzicht en zorgde ervoor dat we continu bleven kijken, stoppen en genieten.